Zijn ene hand op zijn borst, de andere ergens boven haar hoofd
en altijd op hetzelfde moment wakker,

en dan haar aankijken en zich naar haar toedraaien en zij alvast
met haar armen en benen wijd en dan weer

in slaap vallen en veel te laat opstaan, natuurlijk haar schuld,
en een stuk brood bedelen en dat met één voet

in zijn schoen hinkend tegen het aanrecht in zijn mond proppen,
blazend ook in de koffie en om zich heen kijken

of hij alles wel verzameld had, geen sporen had achtergelaten
en de trap afhollend nog een keer naar boven

haar nog even in de armen nemen en dan de voordeur uit en zij
achter het bovenste gordijn hem nakijkend en daar

was hij dan nog even, een kus nog een kus en dan reed hij weg
en mocht zij niet zwaaien, zij had gewoon verder moeten slapen.