Verstaanbaar te blijven. Op elke hoek, elke straat even stoppen en
dan uit onszelf gaan zwaaien, de buik inhouden bij

het passeren, nooit luid roepen, nooit roepen sowieso, het fluiten
nog leren, niet rennen, stevige passen zijn

voldoende, veel inhalen, sorry mompelen, verwensingen binnenhouden,
een kus op iedere wang, natuurlijk gaat het goed,

uit een gesprek wegkijken, verder lopen, alsof we stoffen keuren voor
een nieuwe jurk, iets wegen voordat we proeven,

nooit wijzen met de vinger, lachen, de bocht om, altijd rechtdoor willen,
eindelijk donkere wolken boven de stad, niets

anders willen dan hier te zijn, nat worden van een enkele bui, herkenning
ruiken, een tas onder onze billen op een bankje

in het park, nooit op de leuning en met onze voeten, nooit wijdbeens,
onszelf te blijven, niet eten onderweg en beslist niet hardop praten.