Overdag is deze boomhut wachttoren, uitkijkpost, verschansing
en herkenningspunt, ’s nachts is het een betonnen kolos
die soms alleen door een oude vrouw bewoond wordt en tal van
spoken, ontsnapte beesten en koude. Waren het
eerst alle kinderen die een voor een het pand verlieten, nu zijn het
de omstanders in deze overvolle straat die
kiezen voor iets gerieflijks, een verre hoek, het badje in de achtertuin,
de auto of de overbuurman, een onbehaaglijke stilte
blijft over, alleen de beesten morren en strekken zich uit. Als het
zwart wegtrekt en de wind gaat liggen is iedereen
weer welkom, alsof zij een feestmaal aanricht en de geuren worden
herkend en allen honger lijken te hebben, grimmig
dan heeft zij zich omgedraaid en slaapt verder, onzichtbaar vanuit
haar vesting, bedekt door het bladerdek van haar tent.
Reacties door alja
vaak ongewild
dank Frank
het verkeerde perkje
bij alles dat W. vertelt, zegt hij 'maak daar maar ...
hoe lief tegelijkertijd
dank Leonore
de 2e column voor de site van Pom Wolff
Hij is er nog, speelt piano en leest! Dank voor ...
mijn veiligheid
ik houd in alle opzichten meer van het suggestieve, x