Terwijl de een levels in een game aanbrengt en zo de diepte
aanbrengt en het avontuur terug in het leven,

zo graaft de ander in dubbel focus door mijn afbeeldingen
en verslingert zich aan de verschillende lagen van

mijn huid. Dat hij daarbij blijft steken op bepaalde hoogte is
geen verrassing. Of wij blij moeten zijn met

genoemde ontwikkeling, weten wij niet. De details van de
eerste zijn diep geheim overigens, hij

fluistert nog net niet, hij spreekt in codes en tekent bibberlijntjes
en leidt mij door grote gevaren veilig thuis.

De ander gooit alle pixels op dezelfde hoop met ongeveer gelijke
afmeting, ik vermoed bijziendheid en een lijdelijke

afwijking naar rechts. Zelf slijp ik potloden en rol garen op en
tik met spijkers in de mond een gat in de muur.