In een droom proberen een trap af te lopen terwijl een gitaartje onder
mijn armen geklemd zit, een balkon waaronder alle
vrienden, geroezemoes en gelach, eten overal, de kinderen, een vader,
steeds in gesprek zijn en de tijd vergeten, deze tijd,
alle tijd, opeens wakker schrikken van de stilte want het huis is leeg,
de stad is leeg, en dan mezelf terugvinden achter deze
tafel en tussen de zwarte bomen met een liedje in mijn hoofd, het verse
brood op het aanrecht. In een droom nog bij hem zijn,
bij iedereen, proberen te zingen terwijl mijn handen plukken aan de snaren,
en de trap maar doorloopt en nog een bocht neemt, steeds
weer een bocht neemt, het geluid van onderen toeneemt, steeds scheller
wordt en ik kan helemaal niet zingen, een gelach vanuit
hopeloosheid en verlegenheid, het brood in stukken brekend en dan roepen
dat iedereen gewoon kan pakken en nooit te kort hebben, nooit.
Reacties door alja
vaak ongewild
dank Frank
het verkeerde perkje
bij alles dat W. vertelt, zegt hij 'maak daar maar ...
hoe lief tegelijkertijd
dank Leonore
de 2e column voor de site van Pom Wolff
Hij is er nog, speelt piano en leest! Dank voor ...
mijn veiligheid
ik houd in alle opzichten meer van het suggestieve, x