Wijf waren wij, meid, meisje, niemand en niets, een A. met een
cirkeltje er omheen maar sinds kort en heel soms
zijn wij vrouwke. Dat klinkt zo lief, zegt zij. Een sprookjesfiguur,
denk ik, iemand met een rood doekje om en
appels in haar mandje, klein ook nog en haar in staarten langs het
hoofd, of heel oud en met de breipennen onder de
oksels en bezoek dat op het voorhoofd kust en fluistert. Het liefst
waren wij toch het meisje hoewel ik veel later pas
begreep dat het eigenlijk wat minderwaardig was, iets dat volgde
op ‘nu moet je eens goed luisteren’ maar niet gepaard ging
met dichtslaande deuren, het ongewenst advies en de sturing mislukte
bij voorbaat. Nee, zegt zij, het heeft te maken met dat
beneden de rivieren wonen, dat kolkende water blijkbaar dat mij
scheidt van soezen vol slagroom met bovenop donkere chocola.
Reacties door alja
vaak ongewild
dank Frank
het verkeerde perkje
bij alles dat W. vertelt, zegt hij 'maak daar maar ...
hoe lief tegelijkertijd
dank Leonore
de 2e column voor de site van Pom Wolff
Hij is er nog, speelt piano en leest! Dank voor ...
mijn veiligheid
ik houd in alle opzichten meer van het suggestieve, x