Geluk was een dag aan een vijver
in gras met bomen
tot in de hemel omkringd

ik was er het kind van god en
mijn grootvader – beide stierven
geluk is gevaarlijk

de vijver is gaan liggen met de avond
zo spiegelglad dat hemel, bomen en gras
zich herhalen onder de aarde

angst en heimwee – beide vragen mij
terug

Rutger Kopland: Geluk was een dag aan een vijver