‘Het is al goed. maar weet dat ik dat nooit heb gezegd. Misschien heb ik gezegd dat je wat veel was. Want dat ben je. Je hebt veel nodig en je bent veel. Dat zeggen maakt me niet eerlijk, niet gemeen. Maar ik zou nooit zeggen dat het moeilijk is om van je te houden.’
Probleem opgelost, dacht ik. Het is niet moeilijk om van me te houden, ik heb gewoon veel nodig en ik ben veel. En toen pakte ik een kleurboek dat ik graag wilde, maar bedacht me en zette het terug op de plank. Misschien was dingen willen onderdeel van wat me veel maakte. Als ik gewoon iets minder wilde, was ik een gemiddelde hoeveelheid. De hoeveelheid die ik zou moeten zijn. De ‘niet-tee-veel’- hoeveelheid. De ‘makkelijk-om-van-te-houden’- hoeveelheid.

uit Half his age, vertaald uit het Engels door Iris Visser, Van Goor, 2026