Alja Spaan

Now I wish I could write you a melody so plain, That could hold you dear lady from going insane (Bob Dylan, Tombstone Blues)

Page 2 of 444

ergens in het land

De heer T. is opnieuw afwezig. Terwijl de heer B. zijn bril afzet en
zo beter kan luisteren, beweert hij, zwaai ik naar hem,

hij zegt dat hij zijn ogen niet van me af kan houden, maar de schrijver
die ik opnieuw voorlees, herkent hij niet. Niemand

weet meer wie die man in tropenkostuum is, twee brillen op zijn neus
en het huis vol vooroorlogse waar, niemand

weet meer het gezicht op de omslag, het kind met de bruine ogen en
niemand zegt meer jaja als ik herhaal hoe lastig hij was

maar hoe lief tegelijkertijd, voor mij, zeg ik. De blaadjes vallen, zegt
de een. Ik begin opnieuw. Ze gaan helemaal op

in het verhaal en toch zullen ze volgende week niet meer weten wat
dat verhaal was. Schreef u zelf ook niet, vraagt

mevrouw de Z., dat kunt u ook een keer doen. Neem het in beraad,
zegt de heer P.  Hij is nieuw, dat kun je merken.

de beste positie

Terwijl de vorm van het vers soepel blijft en genoeg ruimte biedt
voor de woorden, alleen soms misschien aan de

hoeken wat trekt, wordt de schrijver steeds strammer en later. Er
is een aarzeling in de ochtend, de lucht nog

donker, de geluiden nog afwezig. Het vel wordt losser, de handen
stijver. Het schudt steeds meer van zich af, een

dag soms een nachtmerrie, een droom soms voor waar, iets wordt
vergeten terwijl een ander iets steeds maar weer

terugkomt, pijn linksonder, steken rechts, haren op de grond. Een
verzameling losse briefjes wordt ze zoals

soms de gedachten geen tijd meer kennen en vragen hangen ergens
daarboven. Straks valt ze zelf uit elkaar, schuift

ze zich met rechtervoet bijeen en bukt ze vergeefs, de boomhut zal
wat schudden en dan een toren worden, ergens in het land.

mijn zwarte aanwezigheid

De meeste aandacht krijgen zij die er niet om vragen. Niet degene
die twijfelt aan zijn optreden en na afloop vraagt om

goedkeuring of toestemming alsnog, niet degene die breedvoerig
uitlegt wat de aanleiding of situatie was, niet

die met de mooiste outfit of de beste positie op het podium, er zijn
geen spotlights, maar degene die op zijn voeten danst

van plezier of noodzaak en gewoon zijn werk doet. Bijtend en
trekkend en van dood naar liefde en de wereld

daartussendoor, op zijn papier kijkt alsof hij zelf verbaasd is over
de kwaliteit en inhoud terwijl hij zeker weet dat

hij het kan. Er zijn fans, er zijn volgers maar niemand is uitzinnig.
Een bijdehante juffrouw maakt grapjes, buiten

verschijnt een regenboog, de stoelen maken opgestapeld hoge
dreigende torens en in een lege zaal lijkt niets gebeurd.

de taal van de ruimte

September 2019 werd De Taal van de Ruimte afgewerkt, een 3D film die ook in 2D te bezichtigen is. 

de kat sliep

Hij ging aan zijn bureau zitten en probeerde zijn memoires te schrijven, maar het bleek onmogelijk. Overwegingen, veroordelingen, daar was hij beroemd door geworden, maar hoe moest hij schrijven zonder overwegingen of oordeel? Feiten weergeven – simpel. Maar hoe besloot je wat de feiten waren? Hij schrok terug voor de enorme, essentiële last om zichzelf te bekijken door de ogen van anderen. Alleen God kon dat. Het leek godslasterlijk om het zelfs maar te proberen. Zo’n enorme hoeveelheid indrukken, zo’n enormiteit aan emotie. Waar moest men de waarheid vinden?

Jane Gardam, uit: Old filth
vertaald tot Een onberispelijke man door Joost Poort

de kat sliep

Eerst nu zie ik achterin de foto mijn jasje hangen, een stoel onder
mijn zwarte aanwezigheid verborgen, het

bewijs dus dat ik daar was, toen, eens. Het is alsof ik de scheuren
in de stof, daar bewust in gemaakt, zie en kan

voelen, de haren van het rugpand kan plukken, in de linker zak het
boodschappenbriefje vindt en zo weer terugval

in die tijd en gewoonten. Er zal een munt zitten in de andere zak
of een verfrommelde tissue en ik zal mezelf

ruiken, een lichte geur van haast en parfum, en weten waarom ik
daar was. Ik had geen jas nodig binnen die

temperaturen. In het voorbijgaan zal iets of iemand even tegen de
stoel leunen, de stof afschuieren en mij rechter hangen, zo

functioneert zij als perfect attribuut in het beeld dat van die kamer
en onszelf bestaat. De bewoners ontbreken, de gasten ook.

schaduwen op de vloer

Onder het kleed lagen de beesten verscholen. Daar lagen zij die
ik in mijn dromen gemist had, de kleinsten, de

duizendpotigen, de meest krioelende massa die zich in plooien van
stof en onder de poot van mijn kat stilhielden omdat

zij niet konden schreeuwen of blaffen of fluiten. Ze renden naar me
toe zodra de wachter van mijn toren zijn greep

verslapte, hun nieuwe schuilplaats de kieren in mijn muren, het plasje
eten onder de koelkast, de holle ruimte in het hout

van mijn boomhut, daar waar muisjes al woonden en schatten werden
bewaard, mijn zilveren haren, een scherf aardewerk,

een snipper papier, de blauwe kluwen garen. De kat sliep. Tegen de
kasten klommen ongenodigde bewoners, scholen

opnieuw maar nu hoger terwijl zwarte vogels vanuit de bomen door
de ramen gluurden en hun honger krasten, angstaanjagend schel.

koekje

Mijn kleinzoon legt het uit, sommige dingen zijn ‘pretend’ en
andere dingen zijn echt. Net zoals sommige woorden

in het Engels zijn en sommigen in zijn nieuwe taal. Hij kijkt
in een oneindige verte en knippert geen enkele

keer, zijn lange donkere wimpers liggen rond de grote donkere
ogen en terwijl zijn babybroertje nog wijst en ‘da’

roept, blijft er iets of heel veel blijkbaar in de verte verscholen.
Hij kan plotseling stilstaan of liggen te midden van

het speelveld terwijl hij nooit halverwege een zin ophoudt met
praten, ‘i think’ is het dan waarop een besluit

volgt dat zijn toekomst omvat. Torens vallen om ondertussen
en een auto landt op mijn neus, muziek klinkt uit

een boekje dat niet meer dichtgaat, vlinders maken schaduwen
op de vloer, hij schept ijs in alle smaken en voert me.

Spaan 2

Op de Pom

pesterijen

Het is lastig het niet als persoonlijke aanval te zien: dit op zwart
staande scherm, dit uitblijven van traktaties en reisjes,

dit missen van gezamenlijk gekonkel, dit verstoken zijn van echte
informatie en dit vruchteloos reiken naar. Graag

zie ik een reden voor het verzuim. Terwijl iemand moeizaam de
trappen hier bestijgt, tel ik de percentages waarin

de apparatuur zich herstelt en weer bereidwillig verklaart. We horen
het hem zelfs zeggen: hij heeft er alles aan gedaan

ons tevreden te stellen, opnieuw of hij doet dat nog; we zitten nog
niet op het volledige percentage per slot van rekening.

Ondertussen hijgt men hierboven, wisselt de lampjes op een intensief
ouderwetse wijze, leunend met een keukentrapje

en tegen onze deur, verliest een evenwicht maar herstelt zich net
voordat wij de koffie willen presenteren, koekje?

« Oudere berichten Nieuwere berichten »

© 2019 Alja Spaan

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑