Alja Spaan

Now I wish I could write you a melody so plain, That could hold you dear lady from going insane (Bob Dylan, Tombstone Blues)

Pagina 2 van 387

rimpelloos het oppervlak

Misschien is dat het wel
Een plek om naar terug te keren
De bron, het dal waarin de herders sliepen
Zich laafden om de volgende morgen
Opnieuw de bergen in te trekken
En die avond opnieuw het dal te vinden
Lag het gisteren niet op een andere plek?
Was het gisteren niet groener en dieper?

Misschien is het dat uiteindelijk wel
Dat het meereist in de tijd
Zich verplaatst waarheen je gaat
Zich automatisch opvouwt en ontvouwt
Elke plek een bestemming

(2005, opgenomen in de bundel met
Nina Barhorst, 2010, Atelier9en40)

de sterren verbonden met potloodlijn

 

Amsterdam, 18 juni 2018, foto W.

 

de sterren verbonden met potloodlijn

Hij had het niet gehoord, misschien was dat het ergste,
geen kletterend geluid, geen knarsend gepiep

van remmen, geen geren, geen sprong, geen gil, niet het
opspatten van water, niet de

angstaanjagende stilte daarna. Hij had gewoon geslapen
terwijl achter hem een worsteling plaatsvond

tussen mens en voertuig, water en lucht, en de dag erop
had hij het nog niet geweten, de nacht daarna

had hij weer geslapen, rimpelloos het oppervlak waarin
de dood zich nestelde tussen linten van

vuilnis en wier, vissen door de neergelaten armen. Als
de straat wordt afgezet, huilende familie

op het bankje ertussen, geeft hij zijn bloemen water en
kijkt niet naar het blauwe lijf dat hoog gehesen wordt.

hij voor mij

De dingen zijn zoals ze zijn, precies even groot als toen.
Hij paste in mijn hand, ik kon nog net een

huppeltje maken aan de stoeprand of met mijn ene vinger
los een kriebel binnen in de zijne. Ook

kleefde er snoep en ander zoetigheid, waarom los te laten,
geen rij voor de speeltoestellen, het gras

hoog tussen de roestige attributen. Opzij kijkend was hij
even groot. Ik lag zacht te wachten op

niemand, de sterren verbonden met potloodlijn, aan het
eind van de regenboog de emmer met goud.

Hij was iedereen. Vlinders op het topje van een neus, mieren
over een blote enkel, madeliefjes die met

een nagel in hun steel doorboord weer aan elkaar geregen
werden, zoemende bijen boven de heerlijkheden.

de geluiden bijna hoorbaar

Liefde is óók: gemis. Iedere poging dat gemis op te heffen met een andere liefde is bij voorbaat tot mislukken gedoemd.

Corine Koole, uit: Hoe mannen liefhebben

de geluiden bijna hoorbaar

Duidelijker dan welk woord ook, is het gekras in de
agenda van toen. Dom genoeg deed ik het in

potlood en zacht terwijl zijn pen, vloeiend in een van
de vertrouwdste handschriften, door de

pagina’s heen drukte zoals alles dat we deden in mijn
ziel gekerfd werd of in dat lijf dat zoveel jonger

zoveel soepeler was. Na twee weken hap ik naar adem
terwijl ik maanden van mijn dagboeken

kan verslinden. Hier sta ik stil bij elk gerecht, elke
afspraak, elk gewerkt uur (hij telt ze op), elke

ontmoeting, ieder kind, elke huilbui, vrijpartij, fietstocht,
speeltuin, vriendje, koosnaam (hij voor

mij), elke uitgaaf (hij telt ze op). De streep onder elke
rekensom is van hem, het kruisje erdoor van mij.

zelden werd je zo zacht gekriebeld

niet alleen op het achtergrondscherm maar elke woensdagochtend!

zelden werd je zo zacht gekriebeld

Het is geruststellend in haar keuken te beginnen
waar het gestolde beeld van mijn kleinzoon,

scharrelend tussen zijn autootjes en half lachend,
mij aankijkt vanaf het scherm. Het scheelt

te weten dat zij daar straks met haar dikke buik
tegen het aanrecht leunt voor de eerste

koffie en hem zijn ontbijt geeft, de geluiden bijna
hoorbaar van over zee en langs de vele

trappen, het tevreden murmelen en snoepen gevolgd
door de hectiek van aankleden, schoenen

zoeken, wagen naar beneden tillen, kind naar beneden
tillen, zichzelf, hakjes op de straatstenen, hand

in hand de eerste meters, omdat haar handje ooit de
mijne vasthield en ik dat nog voelen kan.

achterstalligheden in onderhoud

Alsof het een uit de hand gelopen date is, je slaapt
nu al voor de vierde keer bij hem en je had

dat ontbijt niet moeten nemen en zo meteen gaat hij
voorstellen dat je zijn moeder ontmoet

en er zijn drie nichtjes die van je willen leren breien,
daarop lijkt het werken dat ik vrijwillig

doe, de tijd die ik besteed aan een ander dan mezelf,
en het vervolgens draaien en konkelen om

toch het gevoel te houden goed bezig te zijn. Alles
dat je doet, doe je tenslotte voor jezelf.

Zijn moeder is allerhartelijkst en er zijn neefjes die
zich oefenen in het ontwarren van de draden,

hij bakt immers heerlijke eitjes en zelden werd je
zo zacht gekriebeld en wat is nu vijf keer.

je had je nuttig gemaakt

De nacht is voor slapen, niet voor eenarmige bandieten
die me natspuiten met schoonmaakmiddel nadat

ze van een motor afspringen, ik stak plotseling over, me
achtervolgen en later vrienden blijken die

me schuilruimte aanwijzen voor nog grotere boeven. De
nacht is voor slapen, niet voor verhalen die

zich in het verleden afspeelden, nog niet helemaal klaar
blijkbaar, kinderlijk handschrift dat vertelt

hoe klote het was dat hij nooit iets mocht. De nacht is voor
slapen, niet voor reprimandes in de ochtend naar

halve klusjes, lichtzinnigheden, vergeten boodschappen,
achterstalligheden in onderhoud, krampende

delen in het lijf die omkwamen door motorrijders die uit
de bocht vlogen omdat ik op dezelfde weg liep.

« Oudere berichten Nieuwere berichten »

© 2018 Alja Spaan

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑