In de ochtend lijkt alles eenvoudig, je hoeft alleen maar je benen
over de rand van het bed te slaan terwijl je in de nacht

nog probeert tegen de wanden op te klauteren om uit het wak te
blijven. In de stilte van de morgen is de lucht nog

grijs, licht dampend, hier en daar een roze streep boven rode
dakpannen alsof er een kinderjurkje klaar hangt

en jij voor altijd jong. Verderop het zachte blauw dat bijna al het
grijs kleurt en bomen die straks zullen buigen met

vriendelijke knikjes, alles om je door te laten, een reisje in het
rond. Alles doet het, je armen, hoofd en ogen, je

bent de vogel die het lied fluit hoog boven je, de rook van het
vliegtuig tussen roze en blauw, de knipperende

lantaarnpaal die is blijven branden, het opgetrokken gordijn, de
kat in het voorste tuintje, het verhaal als melodie.