Een paar uur voordat hij uit mij getild werd, versneden
en teruggevouwen het lijf, daalde ik nog

zwevend van balkon naar parkeerterrein, mijn echtgenoot
zwijgend naast me, de verpleegster nors en

bezig met haar derde boterham, de zon heet reeds en de
kletterende geluiden schel en onvermijdbaar.

Ik wilde wel gewoon naar huis, bloemenschikken in een
vaas, spelen met de andere kinderen, schrijven dat

ik de kastanjebomen inderdaad zag bloeien, de roze kers,
het water wuivend in de singel, voorgoed een

bal in mijn buik die oprees en daalde onder kopjes koffie,
een enkel glas, een kinderhand, mijn gewoontes.

Hij beloofde me, knipogend bijna, boeketten van allerlei
kleur en grootte en bracht ze me elke dag.

(mijn prachtig 3e kind werd 25 jaar geleden geboren; gefeliciteerd lieverd!)