Alja Spaan

Now I wish I could write you a melody so plain, That could hold you dear lady from going insane (Bob Dylan, Tombstone Blues)

Categorie: atelier (pagina 1 van 12)

een omcirkelde A

Terwijl we stoeien met het dak van een Mini en botsen met
de camper achter het autootje van een beer die

we tot gisteren niet kenden terwijl we liften aan de kant van
de weg, parasol boven ons hoofd en ballonnen

die de route alvast zwevend nemen, hopen op een joviale
chauffeur maar vooral proviand onderweg, blijft

een zacht gekrijs in de oren klinken, een verontwaardigd en
bitter huilen dat, als we niet opstaan, een

stampvoetende cadans zal worden. Er zijn twee mannen met
elkaar in gesprek en ze buigen zich over

mijn etenstafel, drukken hun armen tegen elkaar, vegen de
kopjes en glazen van het beduimeld blad, grijnzen

vervaarlijk vanaf bladzijde 7 en hoofdstuk 3 mij aan, bukken
zich en rapen de scherven waaraan de suiker nog kleeft.

 

(we zijn teruggegaan naar boek 4 uit 2010 teneinde het manuscript
te voltooien)

een bal rolt tot ongrijpbaar

(foto en bewerking Theo Kemperman)

 

 

Wat was is.. Op Vimeo (Wouter van der Hoeven) de links naar compromisloze rechtenvrije producties die ontstonden vanuit dit hol, ontmoetingsplek voor dichters, kunstenaars, muzikanten en haar liefhebbers!

 

zijn rol in de geschiedenis

Er is een wijziging die ik nog moet doorvoeren, een stapel
prints ligt op een tafel klaar waar de bundel, met ringbandje,
nog van voorzien moet worden en er is

weinig tijd, het publiek zal zich zo verschansen in het pand
waar ik kunst en kinderen combineer aan dezelfde tafel en
enorme voorraden boeken, eten, katten,

speelgoed, tassen, vuilniszakken op de grond rondom; ik
verbeeld me dat de mensen al door de ramen gluren en tegen
het glas leunen en straks gewoon naar

binnen zullen vallen en ik zal nooit op tijd klaar zijn, erger
nog, ik weet niet eens wat er veranderd moest, is het wel
nodig deze ongerustheid te voelen, ben ik niet

altijd foutloos en correct en bovendien, maakt het iets uit?
De kinderen stellen gerust, als altijd, en ik begin het huis
op te ruimen in plaats van de woorden en

voordat ik de deur openzet, zie ik jonge katjes in de hoek
van de kamer en schimmel op de rugzak die ik vroeger op
de schouders hees met het werk van toen.

een handigheid

Dat je bijna nog verwacht dat hij een grap met je uithaalt,
het deksel van de kist omhoog zal duwen en

zingend uit zal stappen, de verf op het hout nog nat en
stippen die strepen worden, ‘dots’ die dansend

van knop naar handvat lopen met eenzelfde enthousiasme
als waarmee hij leefde en al ons mensen

in en door elkaar liet lopen, kussend, handen strelend, tot
verzoening en vrede en creatie bereid, steeds

maar weer het hoofd in de wolken en hoog op de schouders
elkaar dragend tot daar waar bloemen in het

felste geel tegen een immens groen grasveld afsteken. Hij
zou de eerste zijn die ging plukken. Dat je wist

dat hij glimlachend naar je keek terwijl je op je handen
ging staan en je hoofd verloor of ook je hart.

 

de collega’s

De dichter herinnert zich mijn atelier, mijn kinderen, zelfs
een onmogelijke theorie van een andere bezoeker,

hij herinnert zich de wijn, het eten, het schuilgaan in een
hoek van de ruimte in driedelig pak, zwart,

een gouden dasspeld door het bovenste knoopje, het in een
schilderij verdwijnen. Hij verjaart en snijdt mij

in precieze halen een twaalfde van de taart, het is een van
de weinigen met wie ik een boekhoudkundige staat

van dienst deel, op zijn snor verschijnt het zweet, de helft
van de tijd zijn de ogen dichtgeknepen, het

mes blijft gelukkig boven de traktatie hangen maar de woede
treft ons allen, het is niet meer mogelijk een

vers te maken, wil ik soms twee stukken, en wat was dat een
ontzettend leuke tijd, toen hij nog jonger was.

de knagende honger

54 van de 89 lapjes

 

dat ze niet dacht dat

Zelfs de kamer waarin leek vreemd, ze vermeed hem of ze
legde haar armen leeg over de werktafel en

keek hoe lang ze waren, hoe wit op het zwart, ze kon zelfs
het raam aanraken zonder een heel wereldbeeld

te verstoren. Dan liep ze naar de volgende ruimte en mat
opnieuw: de bloemenbroek droeg

ze in groene laarzen, een man op straat had geroepen dat
ze die tenminste niet water hoefde te geven,

hij had het niet kunnen weten toch? Er was een heel veld
dat ze plukte en elke keer herinnerde ze zich.

Het was dezelfde handeling als bij het schrijven: minutieus
opstapelen van zogenaamde feiten die

als je beter keek niet veel om het lijf hadden dan haar eigen
flessenwit verschijnen op bepaalde tijden.

dat ze niet dacht dat

computerloos weekend, 89 vierkantjes

een geschenk

Als je bomen tekent op de muren, wijde uitlopers van
houtskool op de witte ondergrond, het

potloodslijpsel onder je blote voeten, de rug van je hand
zwart, in de hoeken van de ruimte

kleine bergjes gruis dat zich geduldig laat verwaaien,
zet dan de ramen open zodat de vogels

naar binnen kunnen, zich kunnen nestelen in de oksels
van je tuin, eieren kunnen leggen in de

vingers van je schepping, waarschuw de regen, de zon,
haal de sterren, blaas de wind, maak nog

een figuur die klimmen wil naar de hoogste top, zet de
manden klaar waarin het fruit kan schuilen,

spreidt de dekens, leg je neer, doe je ogen dicht en hoor
het leven dat zich boven je verdeelt.

 

 

mijn tekening

 

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

serie ‘veiligheid’, collages uit 2006

 

Oudere berichten

© 2018 Alja Spaan

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑