Alja Spaan

Now I wish I could write you a melody so plain, That could hold you dear lady from going insane (Bob Dylan, Tombstone Blues)

Auteur: alja (pagina 3 van 367)

tijdstippen die nergens aangegeven stonden

Ik wil de waarheid, zegt mevrouw V. tegen de man
naast haar en simpel stelt hij dat die er

niet is. Het gaat over de aanwezigheid van X. aan
haar tafel zoals het ging om Y. in

haar leven, P. in haar bed, C. in haar mantel en T.
in het kleine Japanse wagentje dat ze

tot voor kort nog reed. We lezen over veranderingen
in het stadsleven en ruiken de inhoud van

de houten tonnetjes waarop zij ooit zaten maar dit
ongemak is groter. Ze kijkt me aan en

zomaar ken ik het hele alfabet en alle plaatsen en alle
tijden waarop. Het is subjectief, zeg ik

tegen niemand in het bijzonder en misschien moet je
echt genoegen nemen met wat je hebt.

het zijn de vrouwen die

Naast de enorme romige schotels vol gesmolten kaas en
en aangekoekte suiker, maakte ze mij

evenveel brieven als F. deed, want altijd als hij schreef,
berichtte ik haar en gaf zij haar mening en

adviezen. Dat deed ze ook bij X., de kabouter, de fotograaf
ooit opgenomen in de huishouding van het

hof of bij R. die niet de pen hanteerde maar in de telefoon-
cel stond voor de Dam. Tevens deelden we in

slobberkous en verwassen hemd twee gymoefeningen en
drie langspeelplaten, een jurkje met uitstaande

rok, roze, een geheim en vreselijk veel honger op tijdstippen
die nergens aangegeven stonden. Morgen

herhalen we alles behalve het strekken en rekken, rispen we
de liefjes op en likken de schalen leeg.

(voor L.)

uitermate geschikt voor

uitermate geschikt voor

Mijn dijen omhelzen je’ zal ze schrijven’ of ‘wat
een ongelooflijk toeval het was’ en de

ander zal haar lezen en de onrust weten. Zoals ze hem
vroeg waar het waken gebleven was, het

eindeloos praten in de nacht, had hij wel de radio aan
en weten zij wel hoe de televisie uit moet,

gingen ze allemaal lief slapen? Het zijn de vrouwen die
dat van elkaar weten terwijl hij blijft

liggen en een eitje gaat koken en koffie maakt, zich
vergist in de hoeveelheid melk en te lang

de hete stralen van de douche gebruikt om een restje
parfum weg te spoelen en ook haar

eindeloos toevallige en omhelzende benen die wurgend
bijna onder het uitgevouwen laken lagen.

dat wenkt en zuigt en zingt

Iets van die paniek dringt tot onder de deurspleet door.
Godverdomme, schreeuwt de buurman en de

wind die kouder wordt, slaat de laatste kerstballen stuk.
Bijna al hangt zijn lijf aan de laatste traptree,

de nacht donkerder dan ooit. Van repen stof heb ik kussens
gemaakt die ik voor de deur leg. Zoiets

doe ik met woorden ook. Het ene gat vul ik met het andere,
ik neem iets terug van toen en gebruik iets

ouds voor nu, de vorm is plooibaar, zacht en uitermate
geschikt voor het liggen op

de stoffige vloeren. Het is een kwestie van dossiervorming,
zegt de politie over de onverlaat. Dat

beweer ik ook over mezelf, het leven, de toekomst, de tocht,
de ballen, de vloek, het zijn.

ook al is dat misschien alleen vandaag

alle logs, het hele gebeuren, is natuurlijk één langgerekte mail aan een lief die – zoals ik gewend ben – niet antwoordt, een uitgesteld orgasme, een roep om aandacht, een zucht naar erkenning

natuurlijk schrijf ik in de hoop dat ik blijf, verpletter, raak, losmaak
natuurlijk schrijf ik zoals ik vroeger mijn moeder briefjes schreef vanaf de verschillende werkadressen – ik verstuurde ze echter niet
natuurlijk schrijf ik zoals ik vroeger mijn vaders’ brieven ontving, vol bekentenissen waar ik niet om gevraagd had en vol liefde die niet altijd voor ons was – ze waren in het geheim geschreven vanachter het kerkorgel of vanachter het bureau en ik verbrandde ze pas een aantal jaren geleden, huilend
natuurlijk schrijf ik zoals ik met mijn echtgenoot correspondeerde – van kattebelletje op een wc-papiertje tot keurige brieven vanuit het werk tot agenda’s vol gezinsaantekeningen
natuurlijk schrijf ik zoals ik mijn man schreef – lava dat zich een weg baande tot
natuurlijk schrijf ik zoals ik hem schreef – verklarend, badinerend, rancuneus, vergevingsgezind, te vroeg, te laat
natuurlijk schrijf ik zoals ik jou schrijf – te impulsief, gek
lief
natuurlijk

log van 4 mei 2006

ook al is dat misschien alleen vandaag

“Presence and absence, two identical images.” Absence is a torture: the anguished expectation of a presence. Presence itself is an interval between two absences: a torment.

Simone de Beauvoir, in her Foreword to Violette Leduc’s La Batarde (The Bastard).

ook al is dat misschien alleen vandaag

Ieder gedicht is natuurlijk een brief aan een lief die, afwezig
want op wereldreis en ingescheept naar verre

oorden, onbereikbaar geworden is, ieder bericht een teken
van leven tijdens die afwezigheid zoals ieder

woord een roep om terugkeer is, aandacht en bevestiging
alsof de reiziger voortdurend heimwee heeft en

niet zijn eigen koffers gepakt heeft maar onder dwang werd
afgevoerd. Daarbij staat de schrijver aan

de kade, in het zwart bij voorkeur of loopt zij bijna in het
kolkend water dat wenkt en zuigt en zingt.

En dan de haastig geopende enveloppes, bijeengehouden
met rood lint, die op de borst van de lezer

voor veiligheid en bescherming zorgden en het hart lichter
deden kloppen en het thuisland dichterbij.

de vragen van een medestander

Geen gedicht door naar de top 100 van de Turing.

de vragen van een medestander

Van Tetsuji Seta in Parallel Worlds tot Sieb Posthuma, van Raffaello Sanzio tot Lorentz, van Alles Elektrisch tot Frog in Space en niet de Ostromia of de Red Velvet cake maar wel Teylers, Haarlem, 4 januari 2018

Oudere berichten Nieuwere berichten

© 2018 Alja Spaan

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑